The 'Knowledge Based Networking Nation'. |
|
|
| Geschreven door Max Herold. | |
|
Het blijft verbazen, althans ik mijn ogen. Als ik met sommige mensen (niet iedereen) op departementen spreek over 'de kennisseconomie' dan worden de ogen glazig, gevoelens van 'dit is slechts een hype' uiten zich nonverbaal of ?waar hebben we het eigenlijk over' en wellicht dat menigeen ook nog eens denkt (maar dat niet zegt) 'dit is géén economie, dus ook geen 'andere' economie, paradigmashift of wat dan ook'. Als reactie op die glazige ogen een klein stukje visie-ontwikkeling. Ongetwijfeld niets nieuws onder de zon maar toch, zo zie ik zelf enkele samenhangen. En natuurlijk kan ik me vergissen. Ik nodig je uit om dit stuk aan te vullen, bij te werken, er iets aan toe te voegen, het verder te completeren of wat dan ook. Waar hebben we het over? Als ik aan kenniseconomie denk, dan concentreert zich dat eigenlijk rond 3 woorden.
Ad 1. Kennisdeling. Over dit begrip zijn reeds talloze boeken geschreven Bij kennisdeling kun je denken aan het open delen van kennis binnen organisaties maar natuurlijk ook 'tussen' organisaties (intercompany learning). Bedrijven als Pentascope, bestaande uit kenniswerkers die kennisdeling tot een ware kunst verheffen, varen er wel bij. Ze hebben niet alleen intern maar juist ook met externen (mensen die 'expert' zijn op velerlei gebied), zulke goede netwerken ontwikkeld dat ze razendsnel in staat zijn een klant aan de juiste informatie of mensen te helpen. Dat leidt tot een hogere toegevoegde waarde en minder kosten. Door dit open netwerk, waarbij de grenzen tussen Pentascope, externe experts, klanten en leveranciers niet altijd meer even scherp te trekken zijn, krijgen klanten krijgen betere oplossingen voor hun problemen en vaak kost dat slechts enkele telefoontjes. Ad 2. Intergraal ontwerpen/interactieve beleidsontwikkeling. Integraal ontwerpen is eigenlijk voortgekomen uit de scheepsbouw. Bij het maken van scheepsinstallaties ontkom je niet aan een hechte samenwerking met de andere disciplines omdat je vanwege de tijdsdruk meestal gelijktijdig aan het ontwerpen en bouwen bent. Dan ontstaat de behoefte om je werkmethodes aan te scherpen en af te stemmen op die van de anderen. Dat concept is later geïntegreerd in de plannen voor de stormvloedkering. We hebben meegewerkt aan de Maaslandkering in de Nieuwe Waterweg en daar is eigenlijk voor het eerst sprake geweest van zo'n integrale aanpak. Bij de integrale aanpak werk je in drie fasen. Op de eerste plaats het multidisciplinaire ontwerp. Vervolgens de realisering van het project en tenslotte komen de onderhoudsaspecten in beeld (informatie afkomstig van Jan van Vliet, manager van TCC) Bij integraal ontwerpen staan het uiteindelijke product en de onderhouds- en gebruikseisen bij het ontwerp centraal staan. Alle partijen die op de een of andere wijze te maken hebben met het eindproduct (in de bouw: van architect tot installateur) worden bij het ontwerp betrokken. Het uiteindelijke doel is een beter ontwerp, een beter proces en een beter totaalproduct aan de klant. Maar ook de diverse bouwpartijen, waaronder ook installateurs, moeten baat hebben bij het Integraal Ontwerp- en uitvoeringsproces. Flexibiliteit en betrokkenheid vanaf het allereerste begin zijn hierbij sleutelbegrippen. Voor wisselend gebruik gedurende de verschillende levensfasen van een product moet economisch, ecologisch , esthetisch en sociaal maatschappelijk verantwoord ontworpen te worden. De steeds complexer wordende probleemstellingen vragen om een multidisciplinaire benadering. De interactie tussen de disciplines legt de basis voor innovatieve en creatieve interactie tussen wetenschap en technologie. Bij integraal ontwerpen speelt natuurlijk ICT een steeds belangrijke rol. De vraag 'wat kan ICT bijdragen aan de communicatie tussen betrokkenen resp. snel up-to-date houden van kennis en het toegankelijk maken van deze kennis?' wordt voortdurend gesteld. De resultaten die met technieken van integraal ontwerpen worden bereikt, liegen er niet om. Ir. T.M.E. Zaal, Lector Integraal Ontwerpen, Hogeschool Utrecht geeft de volgende pluspunten:
Niettemin mag de relatie tussen Integraal Ontwerpen en Kennisdeling wel duidelijk zijn. Als je integraal gaat ontwerpen leidt dat tot een druk op een organisatie om:
Natuurlijk heeft de overheid ook te maken met toenemende complexiteiten. Dat leidt aldaar tot enige (versnipperde) aandacht voor methoden als de ketenbenadering en andere technieken waarbij 'integraal ontwerpen' wordt vertaald naar betrokkenheid vanaf het begin bij de beleidsontwikkeling van wetgevende-, uitvoerende-, handhavende- en toezichthoudende partijen. Ongeschreven regels binnen politiek en ambtenarij remmen het gebruik van dergelijke methoden echter zeer aanzienlijk. Ad 3. Ecologische duuurzaamheid. Ecologische duurzaamheid wordt nergens expliciet genoemd maar wel impliciet. Misschien is mijn aandacht er wat extra op gefocused doordat ik laatst twee seminars achter elkaar bijwoonde in twee heel verschillende contexten: een van de Nederlandse afdeling van de Club van Rome over duurzame energie en een dag later een seminar over Integraal Ontwerpen in de bouwsector. In de diverse presentatie in dit laatste seminar over het ontwerpen van gebouwen en producten werd gesproken over het steeds belangrijker worden van ecologisch denken bij het ontwerpen van producten en de daardoor toenemende complexiteit van het ontwerpen en realiseren van producten. Dit is alleen maar goed te verwezenlijken door integraal te gaan ontwerpen. Maar het mag ook duidelijk zijn dat een dergelijk denken de kosten op de langere termijn drukt. Over economie. Waarom noem ik dit stukje 'The Knowledge Based Networking Nation'? KBNN is eigenlijk een vergroting van een concept gelanceerd door Annemieke Roobeek die lesgeeft op de UVA en Nijenrode, de KBNO: Knowledge Based Networking Organisation. Nedeland als een op kennis gebaseerde netwerkende natie kan ongetwijfeld bij een enkeling op zijn lachspieren werken maar toch is nog wel eens wat breder over nagedacht. Op de Europese top in Lissabon enige jaren geleden is afgesproken om Europa tot dé kenniseconomie in de wereld te maken. Een KBNEU (Knowledge Based Networking European Union). Zo werd het natuurlijk niet genoemd. Die doelstelling, Europa tot dé kenniseconomie van de wereld te maken, lukt niet echt, ook niet nationaal. Gek eigenlijk. Als je het bovenstaande leest dan kun je toch niet aan de indruk ontkomen dat als Nederland als land nu eens werkelijk aan die drie woorden zou gaan werken je in ieder geval je concurrentiepositie internationaal aanzienlijk zou kunnen gaan versterken. En dat zou de schatkist weer echt ten goede kunnen komen. Het denken over een kenniseconomie laat je op zijn minst wel nadenken over enkele economische vooronderstellingen. Kijk eens naar het integrale ontwerpen. Het mag duidelijk zijn dat je bij integraal ontwerpen de nadruk legt op het eindresultaat. De grap is dat je bij al die toenemende complexiteit niet echt aan het begin een fixed price kunt geven. Toch zijn al onze offerteprocedures gericht op het geven van een fixed price, met alle problemen van latere extra kosten van dien. Prijs zou meer beschouwd kunnen worden als ??n van de variabelen in het gehele ontwerpproces die je uiteindelijk pas in een wat later stadium bepaalt (info van prof.dr.ir H.A.J. de Ridder TU Delft tijdens lezing over integraal ontwerpen Hogeschool Utrecht, april 2005). Het denken in klanten en leveranciers als afzondelijke organisaties krijgt in dergelijke netwerkachtige ontwikkelingen heel andere trekken. Je mag je dus afvragen wat dit bijv. voor zoiets als het ?prijsmechanisme' betekent. E.e.a. lijkt me een nadere studie meer dan waard. Mogelijke oorzaken van het nog niet echt van de grond komen van de KBNN.
Wat is nodig?
Een tweetal mogelijke randvoorwaarden/aanvullende vragen voor slimme acties:
Auteur: Max Herold, managementissues.com |




